Aardwarmte uitgelegd

Hoe dieper in de aarde, des te warmer het is. Bij iedere extra kilometer diepte stijgt de temperatuur met iets meer dan 30˚C. Op twee tot drie kilometer diepte bevindt zich dan ook water met een temperatuur tussen de 70 en 100 ˚C. Deze warmte kan worden gebruikt voor onder meer het verwarmen van woningen of gebouwen.

De aarde produceert constant nieuwe warmte en straalt die via de bovenliggende aardlagen uit naar het aardoppervlak. Energie die je wint uit de bovenlaag van de aarde tot 500 meter, noemen we bodemenergie. Alle winning van warmte dieper dan 500 meter noemen we aardwarmte of ook wel geothermie.

Als er wordt gesproken over warmtewinning op een diepte van meer dan 4000 meter, dan spreken we over ultradiepe geothermie (UDG). Warmte van deze diepte leent zich voor industriële toepassingen.

Waarom aardwarmte?

Zoals afgesproken is in het klimaatakkoord is het noodzakelijk om onze CO2-uitstoot te verminderen. Aardwarmte is een duurzaam en betrouwbaar alternatief voor aardgas, in de gebouwde omgeving en voor de lichte industrie. Het zou onderdeel uit kunnen maken van een duurzame bronnenstrategie van een warmtenet en daarmee in een groot deel van de huidige warmtevraag kunnen voorzien. Extra aantrekkelijk aan aardwarmte is dat het niet afhankelijk is van weer, wind of van het seizoen.